Overslaan en naar de inhoud gaan

SCK CEN pakt meest agressieve borstkanker aan

Europees project Accelerate.EU werkt aan nieuwe behandelingsoptie voor triple-negatieve borstkanker

In een gloednieuw Europees project slaan 17 partners de handen in elkaar om meer doeltreffende behandeling voor agressieve kankers te ontwikkelen. Een daarvan is triple-negatieve borstkanker. De kankervorm treft vooral jonge vrouwen en is vandaag de dag moeilijk te behandelen. In dat project neemt het nucleaire onderzoekscentrum SCK CEN de leiding in preklinisch onderzoek. Dat onderzoek moet uitwijzen of radiofarmaca – met astatine-211 – de agressieve borstkanker efficiënt buiten spel kunnen zetten. Het ultieme doel is om de behandeling van preklinisch onderzoek naar klinische proeven en uiteindelijk de patiënt te brengen.

SCK CEN - Borstkanker (2024)

Triple-negatieve borstkanker is een agressieve vorm van borstkanker, die vaak jonge mensen treft. De kankervorm groeit snel en zaait ook snel uit. In de meeste borstkankers treffen oncologen de vrouwelijke geslachtshormonen – oestrogeen en progestron – en het eiwit HER2 aan. Zij beïnvloeden de tumorgroei. Bij deze vorm ontbreken die drie stoffen. Daarom reageert triple negatieve borstkanker niet op hormoontherapie, een doelgerichte kankerbehandeling met HER2-remmers en zelfs traditionele chemotherapie. Bij uitzaaiingen daalt de 5-jaarsoverleving drastisch van 77% naar amper 12%. “Door een snelle tumorgroei, behandelresistentie en hoge sterftecijfers vraagt deze kankervorm dringend om andere, meer doeltreffende behandelingen. En met dit Europese project, Accelerate.EU, maken we daar werk van. Wij willen patiënten met triple negatieve borstkanker nieuwe perspectieven bieden”, verduidelijkt Kevin Tabury, expert in radiobiologie bij SCK CEN.

SCK CEN wil Radioligand Therapy als efficiënte behandelingsoptie voor die borstkankervorm identificeren. Voordat behandelingen op patiënten worden toegepast, doorlopen ze een uitgebreid ontwikkeltraject. Dat traject moet de effectiviteit en veiligheid van  radiofarmaca aantonen. En dat start steevast bij preklinisch onderzoek. “Wij nemen de leiding in dat preklinische onderzoek en voeren het – in nauwe samenwerking met Jules Bordet Instituut – uit”, vervolgt hij. 

SCK CEN - Nuclear medicine (2024)

Astatine-211 als reisgezel

Wat houdt Radioligand Therapy juist in? Daarbij brengt een dragermolecule een radio-isotoop naar de tumor en tegelijk uitzaaiingen, opdat die ze heel lokaal kan bestrijden. Irina Primac, experte radiobiologie bij het nucleaire onderzoekscentrum SCK CEN: “In ons preklinisch onderzoek laten we de therapeutische alfastraler astatine-211 meereizen. Astatine-211 biedt het grote voordeel dat ze slechts één alfadeeltje uitzendt, wanneer de radio-isotoop vervalt. Dat alfadeeltje heeft een hogere energie en legt slechts één twintigste van een millimeter in weefsel af. Dat betekent dat we de stralingsdosis nóg nauwkeuriger in een specifiek doelgebied kunnen concentreren. Dat is de theorie, wij toetsen dat aan de realiteit.”

SCK CEN en Jules Bordet Instituut zullen de werking van die alfastraler evalueren. Daarbij onderzoeken ze tal van parameters: effectiviteit van de behandeling, dosisrespons, bijwerkingen en doeltreffendheid in combinatie met andere therapieën. “We willen begrijpen hoe astatine-211 zich in het lichaam gedraagt. Hoe wordt ze opgenomen, verdeeld en opnieuw uitgescheiden? Hoe remt ze tumorgroei af? Wat is de optimale dosering om de gewenste therapeutische effecten te bereiken en mogelijke bijwerking tot een minimum te houden? Ons doel is die therapie succesvol van preklinisch onderzoek naar klinische proeven te leiden. En dat vereist allereerst antwoorden op die vragen”, verduidelijkt zij. Beide onderzoekspartners streven ernaar om die antwoorden binnen twee à drie jaar te verkrijgen, want dan willen Jules Bordet Instituut en Institut de Cancérologie de l’Ouest de klinische proeven opstarten. De klinische proeven zullen doorgaan bij Jules Bordet Instituut in Brussel, België.

FAPI als gids

De dragermolecule die astatine-211 tot bij de kankercel gidst, luistert naar de naam ‘FAPI’ – ofwel FAP-inhibitor. “Om te begrijpen wat FAPI is, moeten we eerst inzoomen op de menselijke biologie”, vindt Irina Primac. “Tumoren zijn complexe weefsels. We spreken bij kanker meestal over kwaadaardige cellen, maar ze bestaan evengoed uit vaatcellen, immuuncellen en fibroblasten. Die fibroblasten beïnvloeden tal van processen. Denk bijvoorbeeld aan tumorgroei, therapierespons en uitzaaiingen. Ze kunnen zich echter niet vermommen of in het lichaam verbergen. Die fibroblasten onderscheiden zich duidelijk van fibroblasten in gezond weefsel, doordat ze specifieke eiwitten tot expressie brengen.”

Een van die eiwitten is fibroblast-activation protein – kortweg: FAP. Het transmembraan telt 760 aminozuren, waarvan het grootste gedeelte zich aan de buitenkant van de cel bevindt. Die aminozuren zijn ideale aangrijpingspunten voor moleculen om zich vast te hechten. FAPI – oftewel FAP-inhibitor – is een geschikte molecule om die cellen te viseren. “Door een therapeutisch radio-isotoop aan die molecule te binden, kunnen we de kankercel bestralen en zo het DNA ervan verstoren. De kankercellen sterven af, waardoor de tumor uiteindelijk krimpt of verdwijnt”, besluit zij.

Accelerate.EU versnelt komst van astatine-211 in kankerbestrijding

Het Europese project Accelerate.EU verenigt maar liefst 17 Europese partners uit de industriële, medische en wetenschappelijke sector. Het consortium maak niet enkel werk van een nieuwe behandelingsoptie voor triple negatieve borstkanker. De partners willen ook een doorbraak forceren in het gebruik van astatine-211 om pancreaskanker en glioblastoom te bestrijden. Beide worden – net als triple negatieve borstkanker – beschouwd als heel agressieve kankers. Het doel van Accelerate.EU is tweeledig. Enerzijds wil het consortium (pre)klinisch onderzoek naar een volgende ontwikkelingsfase – en dus een stap dichter bij de patiënt – brengen. Anderzijds willen de consortiumpartners een betrouwbare en gedecentraliseerde productie op touw zetten. 

Dat wil zeggen dat de productie dichtbij de ziekenhuizen zal plaatsvinden. Dat komt, omdat astatine-211 een halfwaardetijd van 7,2 uren heeft. Voor de patiënt vertaalt zich dat in het grote voordeel dat na twee dagen nog minder dan 1% van de radioactiviteit in het lichaam overblijft. Het nucleaire onderzoekscentrum SCK CEN is enkel betrokken bij de eerste doelstelling van het ambitieuze project. Het leidt daarbij het preklinische onderzoek naar de agressieve borstkankervorm. Het totaalproject staat volledig onder de Belgische leiding, met IBA en Jules Bordet Instituut aan het stuur. Accelerate.EU heeft een budget van 16 miljoen euro, waarvan de helft door de Europese Commissie gefinancierd wordt.

SCK CEN - Nuclear medicine - Radioligand therapy (2024)

SCK CEN verwezenlijkt zijn ambitie

Door het preklinische onderzoek te leiden, verwezenlijkt SCK CEN – stap voor stap – de vooropgestelde doelstellingen van zijn strategisch plan ‘Exploring 2040’. Met die vernieuwde strategie sprak SCK CEN de ambitie uit om zijn rol in kankerbestrijding te vergroten. Zijn BR2-onderzoeksreactor is wereldwijd al jaar en dag een onmisbare productiedraaischijf voor medische radio-isotopen. Die rol blijft vervuld, maar SCK CEN streeft ernaar om te evolueren naar een belangrijke speler in de productie van nieuwe radiofarmaca én preklinisch onderzoek.

U ontdekt alles over onze bijdrage in de strijd tegen kanker op onze website. 

KKlliikk  hhiieerr

Op 3 oktober 2024 werd het project officieel aangekondigd. Wil je dat persbericht lezen?

KKlliikk  hhiieerr

Deel dit artikel