40 jaar onderzoek maakt een beleidsbeslissing voor geologische berging van hoogactief en/of langlevend afval mogelijk

 

Ons land voert reeds 40 jaar onderzoek naar het langetermijnbeheer van hoogactief en/of langlevend afval. Het onderzoek, dat zich toespitst op geologische berging in weinig verharde klei, heeft het niveau bereikt waarop de federale regering een beleidsbeslissing kan nemen. Dit is de eerste beslissing om te komen tot de realisatie van een ondergrondse berging.    

Een groot deel van het onderzoek naar geologische berging wordt uitgevoerd in het ondergrondse laboratorium HADES in Mol, op een diepte van 225 m. De bouw van het laboratorium werd opgestart in 1980. Het wordt geëxploiteerd door het ESV EURIDICE, een economisch samenwerkingsverband tussen NIRAS en het Studiecentrum voor Kernenergie - SCK•CEN. De voorbije decennia boekten wetenschappers en ingenieurs resultaten die van cruciaal belang zijn voor de bouw van een bergingsinstallatie. “We hebben kunnen aantonen dat er op industriële wijze schachten en galerijen gebouwd kunnen worden in diepgelegen kleilagen”, verduidelijkt Marc Demarche, voorzitter van EURIDICE.

Nu is in het ondergrondse laboratorium een grootschalig verwarmingsexperiment opgestart. Verwarmingsexperimenten op kleine schaal hebben al uitgewezen dat verwarming van de klei de veiligheid van de geologische berging niet in het gedrang brengt. Die kennis willen de wetenschappers bevestigen en verder verfijnen door een grootschalig experiment. Hierbij wordt een galerij over een lengte van 30 meter gedurende tien jaar elektrisch verwarmd tot 80°C. Op die manier wordt het effect van hoogactief afval, dat warmte afgeeft, nagebootst. Eric van Walle, directeur-generaal van het SCK•CEN: “Het verwarmingsexperiment in HADES wordt uitgevoerd op een schaal die representatief is voor een reële bergingsinstallatie. Dergelijk onderzoek is essentieel om de veiligheid op lange termijn aan te tonen.”

Het onderzoek zal verder gaan, ook na de beleidsbeslissing. Jean-Paul Minon, directeur-generaal van NIRAS, onderstreept het belang van zo’n beleidsbeslissing: “Zodra die beslissing genomen is, kan NIRAS het verdere onderzoek nauwkeuriger definiëren, de verschillende stappen van het toekomstige beheer organiseren en optimaliseren, en de kostprijs van een geologische berging correct ramen.” Op dit moment is de selectie van een site om het afval daadwerkelijk te bergen nog niet aan de orde. Hiertoe is een stapsgewijs besluitvormingsproces nodig dat een actieve participatie van het publiek en de stakeholders mogelijk maakt om een maatschappelijk draagvlak te creëren.

Meer info...

Wat is EURIDICE? Het ESV EURIDICE is een economisch samenwerkingsverband tussen NIRAS en het SCK•CEN. Het onderzoekt of het veilig en haalbaar is om radioactief afval te bergen. Op die manier draagt het bij tot het nationale bergingsprogramma van NIRAS.

Wat is NIRAS? NIRAS, de Nationale instelling voor radioactief afval en verrijkte splijtstoffen, is sinds 1980 verantwoordelijk voor het beheer van al het radioactieve afval in België. NIRAS bepaalt en coördineert de onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma’s voor de berging van radioactief afval.

Wat is het SCK•CEN? Het Studiecentrum voor Kernenergie verricht onderzoek naar vreedzame toepassingen van de nucleaire wetenschap. Het SCK•CEN is actief op verschillende domeinen van maatschappelijk belang, zoals veiligheid, stralingsbescherming, medische radio-isotopen, ontmanteling van nucleaire installaties en afvalberging. Met MYRRHA werkt het SCK•CEN aan een multifunctionele onderzoeksinfrastructuur voor een nieuw tijdperk.