De doordachte berging van radioactief afval

Bovengrondse bergingsinstallatie voor kortlevend laag- en middelactief afval

Laag- en middelactief kortlevend afval is vooral afkomstig van de industrie en de geneeskunde. Dit zogeheten categorie A-afval vereist een definitieve berging. Het kan veilig bovengronds geborgen worden zonder risico's voor de volksgezondheid, vandaag of in de verre toekomst. De meeste Europese landen passen deze oplossing al vele jaren toe.
 

Oppervlakteberging
in Dessel

 
Verspreidingsmodellen

 
Beton

 

NIRAS, de Nationale Instelling voor Radioactief Afval en verrijkte Splijtstoffen, bereidt in Dessel de bouw voor van een installatie voor oppervlakteberging. Dit moet een oplossing bieden op lange termijn voor het Belgische categorie A-afval. Het SCK•CEN is nauw betrokken bij de wetenschappelijke onderbouw van het veiligheidsdossier voor deze bergingsinstallatie. (Meer informatie over de installatie vind je op de website van het cAt-project.) 

Onze studies voor dit project richten zich op het gedrag, het mogelijk vrijkomen en de verspreiding van radioactieve stoffen uit de bergingsinstallatie. De eventuele verspreiding van een minieme hoeveelheid naar de bodem, het grondwater, het omliggende milieu en de mens, berekenen we aan de hand van modellen voor de komende honderden tot zelfs duizenden jaren.
Beton speelt een belangrijke rol in het bovengrondse bergingsconcept. Het radioactief afval wordt van de buitenwereld afgeschermd met een betonnen omhulsel. Dit is nodig totdat het afval na ongeveer 300 jaar geen gevaar meer vormt. Het SCK•CEN bestudeert mee het vermogen van beton om voor lange tijd waterondoorlaatbaar te blijven en om de radioactieve stoffen vast te houden.